vrijdag 8 augustus 2014

Gerard Kessels, columnist bij De Limburger

Gerard Kessels, columnist bij dagblad De Limburger, de man die met één simpele opmerking over twee houtduiven, ’s morgens bij het ontbijt tussen alle wereldrampen door, toch een glimlach op mijn gezicht weet te toveren.

Wat boeit een mens in Gerard Kessels

Al menig jaar ben ik fan van de columns die van tijd tot tijd in Dagblad De Limburger verschijnen van de hand van Gerard Kessels. Doorgaans gaan die over de meest onbenullige dingen in het leven, onbenulligheden die Gerard als geen ander weet uit te vergroten tot de meest boeiende thema’s.





Generatiegenoot zonder overbodige franje

Maar mijn sympathie voor de man heeft meer oorzaken:

  • als generatiegenoot voel ik me met hem toch wat meer verwant dan met de schoolverlater die een stukje in de krant publiceert;
  • bovendien deel ik met hem de liefde voor de Nederlandse taal (lees: jaloers op zijn taalvaardigheid); 
  • daarnaast spreekt me aan dat we van doen hebben met iemand die wars is van alle blikkerigheid die hedendaagse fenomenen als Facebook, Twitter en uitstralen;
  • en ofschoon ik Gerard nooit persoonlijk heb ontmoet, ben ik er vrij zeker van dat zijn torso niet is opgeleukt met tattoo’s of metalen sieraden. 

Kortom, een doodgewone man die schrijft over doodgewone dingen.

Wéér geen lintje

Mijn bewondering voor Gerard Kessels gaat zover dat ik enige tijd geleden een verzameling van zijn columns in pocketvorm heb aangeschaft met de titel “Wéér geen lintje”. Dat mag worden gezien als een groot compliment voor Gerard want ik heb na Arendsoog en Witte Veder vanaf eind jaren vijftig alleen nog studieboeken en cursusmateriaal onder ogen gehad. Een pluimvermelding trouwens, die ook geldt voor zijn jongere collega-columnist Paul van der Steen, wiens boek “Schampschot” ik in één ruk heb uitgelezen.

In het verkeerde keelgat geschoten

Toch moet me van het hart dat me onlangs een column van Gerard in het verkeerde keelgat is geschoten. Het betrof een loflied aan het adres van Limburgs minister Frans Timmermans, bewondering die ik allerminst met Gerard deel. Integendeel! Als Timmermans al een eervolle vermelding verdiende, dan had ik eerder een Oscar voor acteertalent voor hem in gedachten.

Timmermans, de vleesgeworden selfie
Dan denk ik uiteraard aan zijn betoog voor de VN  naar aanleiding van die vreselijke vliegramp in de Oekraïne en zijn rede voor het Nederlandse parlement enige dagen later. Beide toespraken staan bol van  theatraal vertoon van een persoon die zich liefst zelf op de voorgrond plaatst, de vleesgeworden selfie. Het is een schande dan een Nederlands bewindsman zich verlaagt tot dit soort goedkope stemmingmakerij.

Ik denk dat ik met feiten kan onderbouwen dat zijn betoog voor de VN de waarheid op punten geweld aandeed, maar dat laat ik hier maar achterwege. Wie er het fijne van wil weten, moet maar eens nalezen wat Elseviers over deze bewindsman en zijn VN-rede te melden heeft.





Een meer zakelijke aanpak geniet mijn voorkeur

Wat dat betreft plaats ik Frans Timmermans op één lijn met die andere Limburgse bewindsman, Gerd Leers, een man die de publiciteit ook niet bepaald schuwde (en dan druk ik mij voorzichtig uit). Persoonlijk heb ik op dat niveau meer met mensen die ondanks alle terechte droefenis en verontwaardiging, kiezen voor een ingetogen en meer zakelijke aanpak, zonder franje en theatraal vertoon, zonder overdreven op het gemoed van de kiezer te werken.

Ik geef toe, ik ken Frans Timmermans alleen van de televisiebeelden. Misschien dat ik mijn mening zou moeten bijstellen als ik, net als Gerard Kessels, het genoegen had om hem persoonlijk te ontmoeten.


Geen opmerkingen:

Een reactie posten